Vier acties om archeologisch erfgoed beter te beschermen onder de Omgevingswet

De Omgevingswet komt eraan! Waarschijnlijk treedt hij over ruim een jaar in werking en we kunnen die voorbereidingstijd ook goed gebruiken! De wet geeft veel nieuwe kansen om met erfgoed aan de slag te gaan bij ontwikkelingen. Erfgoed kan nadrukkelijker én vroeger worden meegenomen in ruimtelijke ontwikkelingen en in de besluitvorming. Het kan op die manier echt een toegevoegde waarde zijn. Aan de andere kant kan erfgoed, en met name archeologie, in de belangenafweging makkelijk het onderspit delven ten opzichte van andere belangen. Het initiatief voor gebiedsontwikkelingen komt immers meestal vanuit een andere hoek dan erfgoed. En archeologie heeft zijn zichtbaarheid niet mee… Met onderstaande acties zorg je ervoor dat een goede omgang met archeologie stevig verankerd is in het proces.

1 Richt de gemeentelijke adviescommissie in met archeologische expertise

Zijn er rijksmonumenten in de gemeente? Dan wordt het verplicht om een gemeentelijke adviescommissie te hebben voor ruimtelijke kwaliteit. Maar ook zonder rijksmonumenten is zo’n commissie een goede zaak. Het doel ervan is een zorgvuldige gemeentelijke besluitvorming waarbij de commissie al in een vroeg stadium van ruimtelijke plannen meedenkt en adviseert.

Zo’n adviescommissie, aangevuld met een archeoloog, is misschien wel het beste instrument om archeologie vroegtijdig goed mee te wegen. Hoe zo’n commissie er uit ziet en waar ze over adviseren, wordt in hoge mate bepaald door de gemeente(-raad) zelf en kan dus worden toegespitst op de plaatselijke situatie. Zo kan de gemeenteraad bepalen bij welke activiteiten en gebieden uit het omgevingsplan of soorten bouwwerken advies moet worden gevraagd. (zie de handreiking adviesstelsel omgevingskwaliteit). Maak een plan voor de context en reikwijdte van de advisering, en leg vast welke expertise nodig is. Als er archeologische waarden zijn, dan is het logisch om ook een deskundige op dat gebied te betrekken.

2 Maak de Verwachtingskaart en beleidskaart “up to date”

Het is een inkoppertje; het was natuurlijk al de plicht van de gemeente om bij ruimtelijke besluiten rekening te houden met archeologische waarden. In de Omgevingswet is dit nog een keer benadrukt, met de toevoeging dat de archeologische verwachting goed onderbouwd moet zijn. Kijk daarom kritisch of de vigerende verwachtingenkaart en beleidskaart nog voldoen en laat ze zo nodig actualiseren voordat de regels worden opgenomen in het omgevingsplan. Zo heb je alle gegevens paraat en kun je sturen op onderzoek dat echt kennis en waarde toevoegt.

Heeft de gemeente openbare interactieve kaarten? Met eenvoudige middelen kan je archeologische gegevens toegankelijk maken voor het publiek. Met een inspirerende erfgoedkaart begrijpen inwoners en ontwikkelaars ook beter het belang van het archeologische erfgoed en weten ze waar ze aan toe zijn.

3 Leg de bevoegd gezagrol van de gemeente over archeologisch onderzoek goed vast

Wil je als gemeente het archeologische onderzoek kunnen bijsturen op grond van het gemeentelijke beleid en de eigen expertise? Maak het dan beleid dat de gemeente programma’s van eisen en de rapportage van het archeologisch onderzoek altijd moet vaststellen.

Er worden mogelijk veranderingen doorgevoerd in de KNA (Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie), waardoor de toetsende rol van de gemeente als bevoegd gezag bij de vergunningverlening in bepaalde gevallen komt te vervallen. Het kan daardoor gebeuren dat bij een vergunningaanvraag een rapport van een proefsleuvenonderzoek wordt opgeleverd, waarvoor de gemeente niet vooraf het Programma van Eisen heeft getoetst of zelfs de voorafgaande onderzoeken heeft gezien Als een onderzoek dan uiteindelijk naar het oordeel van de gemeente onvoldoende is, of misschien juist overbodig, levert dat vervelende situaties en discussie op. Regel dus die toetsende rol. Nu kan dat nog in de erfgoedverordening, straks gaan de regels naar het omgevingsplan. Een voorbeeld van dergelijke regels vind je in de verordening van Alkmaar.

4 Richt je op participatie en beweeg mee met de planvorming

Vooroverleg en participatie-activiteiten worden belangrijke instrumenten voor goede en breed gedragen ruimtelijke besluitvorming. Juist deze gelegenheden van gedachtewisseling en planvorming zijn het moment om als erfgoedprofessional je kennis te delen en verschillende opgaven met elkaar te verbinden. Wil je planspecifieke archeologie laten meewegen en laten bijdragen aan de omgevingskwaliteit, dan zal ook het veldonderzoek veel eerder in de planvorming moeten plaatsvinden dan nu. Nu wordt archeologisch onderzoek immers vaak pas gedaan in het kader van de vergunningprocedure, als er weinig aanpassingen meer mogelijk zijn.

Daarvoor moet een gemeente al in een vroeg stadium meedenken over het benodigde onderzoek en bereid zijn om ook buiten de directe vergunningprocedure onderzoeken en PvE’s toetsen. Misschien vraagt dit om een andere manier van financiering van deze diensten: regel dit dus op voorhand.

Tot slot

De Omgevingswet geeft gemeenten dus meer kansen om eindelijk een van de belangrijkste onderdelen van het Verdrag van Malta waar te maken: namelijk in een vroeg stadium van ruimtelijke ontwikkelingen rekening houden met archeologie door integraal de afwegingen te maken in het omgevingsplan. Als erfgoedprofessional bij een gemeente zijn je belangrijkste middelen daarbij zijn nog steeds het delen van je kennis en kunde. De provinciale steunpunten helpen je graag op weg. Schep dus nú de voorwaarden om die op het juiste moment in te kunnen zetten!

Wil je zelf je ervaringen of vragen over archeologie in de omgevingswet delen? Neem deel aan de discussie in onze LinkedIn-groep. Alvast dank voor het delen!

(Tekst: Eliza van Rooijen, beeld: Fort Uitermeer – Foto door André Russcher)