Verslag Erfgoedteam: Zomerexcursie De Krijgsman Muiden

Op donderdag 25 juni 2020 vond de jaarlijkse zomerexcursie van het Erfgoedteam plaats. Het was even spannend of het doorgang kon vinden in verband met de beperkende maatregelen rondom CoVid-19. Met een corona-protocol en een slim vormgegeven programma kon de excursie doorgaan. En gelukkig was het prachtig weer.

Vanaf station Weesp is de groep naar de Westbatterij in Muiden gefietst. Hier vertelde Twan Zeegers, sinds 2013 projectleider bij de gemeente Gooische Meren, over het herontwikkelingsproces van het gebied van de voormalige kruitfabriek De Krijgsman. De Krijgsman was in eerste instantie een buskruitmolen die na ettelijke ongelukken in 1702 vanuit Amsterdam naar het buitengebied de Rietpolder bij Muiden werd verplaatst. Hier ontwikkelde de buskruitmolen zich tot een complex van industriële gebouwen en installaties. Tot in de jaren-1980 bleef de kruitfabriek in gebruik. Doordat zich regelmatig explosies voordeden, én door de vuurwerkramp in Enschede in 2000, werd de sluiting van de fabriek versneld.

Hierna raakte het terrein in onbruik. Door de kruitfabriek en de snelweg A1 waren er lange tijd nauwelijks mogelijkheden voor Muiden om uit te breiden. De sluiting van de fabriek en de verlegging van de snelweg maakten een nieuwe ontwikkeling mogelijk en met de aanleg van de nieuwe woonwijk verdubbelt Muiden in inwonersaantal. Er worden 1300 woningen gebouwd. In het beeldkwaliteitplan zijn de ontwikkelingsprincipes uiteengezet. Een belangrijk uitgangspunt is dat de Krijgsman echt een onderdeel wordt van Muiden (geen satelliet) en dat de ontwikkeling past bij de bestaande waarden. Het gebied is niet voor niets naar de kruitfabriek vernoemd. De bestaande waarden, met name de zeedijk, de Westbatterij en de beeldbepalende gebouwen zijn een structurerend gegeven.

Nadat het beeldkwaliteitplan vastgesteld werd, was de vraag; wat kan er nog? Niet alles wat in de eerste instantie gewenst was, bleek mogelijk. Een belangrijke voorwaarde in het beeldkwaliteitplan was het vrijhouden van de schootcirkel van de Westbatterij. Een eerder beeldkwaliteitplan waarin deze cirkel niet vrij gehouden werd, is om deze reden zelfs afgeketst. Nu wordt er een park aangelegd in de schootcirkel. Dit is ook een aantrekkelijke ontwikkeling voor de huidige bewoners van Muiden. Een ander cultuurhistorisch element in de nieuwe wijk is het feit dat de bebouwing refereert aan de geschiedenis van het gebied. Zo wordt er rondom de Westbatterij uitsluitend in hout gebouwd en is er een bosachtige wijk ter plaatse van het voormalige kruitbos aangelegd.

Archeologie in de Krijgsman

Eliza van Rooijen is als archeoloog betrokken bij de ontwikkeling van De Krijgsman. Ze vertelde dat het landschap er voor de middeleeuwen totaal anders uit zag. In plaats van het IJsselmeer en een zeedijk lag hier een uitgebreid veengebied, misschien wel zo hoog als de huidige zeedijk. In het veengebied waren plassen en rivieren, waarvan de Vecht hier het belangrijkste was. In het gebied verwachten archeologen vondsten uit de periode ijzertijd-Romeinse tijd, vooral op oeverafzettingen van de Vecht, en sporen uit de tijd van de middeleeuwse veenontginningen. Ook is de verwachting dat er veel verstoord is. Dit komt door het gebruik van het terrein als fabriek, en sportvelden e.d., maar ook door inbraken van de zee en het afgraven van grond om de dijk te versterken.

Uiteindelijk is van dit enorme gebied maar een heel klein deel onderzocht middels boor- en proefsleuvenonderzoek. En het onderzoek heeft ook weinig opgeleverd. Dat is jammer want in de tijd dat het lange proces van tekentafel tot bouw van de Krijgsman plaatsvond, zijn er verschillende proefschriften verschenen die nieuw licht doen schijnen op dit gebied (over de veenontginning door C. de Bont in 2008, over de Diemerzeedijk door A. Fransen in 2009 en over de Vecht van I. Bos uit 2010). De ideeën daaruit zijn onvoldoende doorgedrongen in het onderzoek. Het mooie is wel dat het gebied is opgehoogd voor de bouw van de huizen en dat de bodem onder de ophoging  grotendeels intact blijft. Misschien dat het in de toekomst dus nog mogelijk is om verder onderzoek te doen.

De bouw van een nieuwe wijk

Vanaf de Westbatterij zetten we onze tocht verder richting informatiehuis De Krijgsman. Hier vertelde Marcus Wieringa, projectontwikkelaar KNSF Vastgoed, over de ontwikkelingen rondom het erfgoed en de huidige woningbouwplannen. Het informatiehuis is een van de 8 historische gebouwen die in het plan behouden zijn. De overige gebouwen zijn gesloopt; dit waren overigens voor een deel chemische installaties die gaandeweg op het terrein gebouwd werden voor de productie van de munitie. Op het terrein worden in totaal 1300 woningen gebouwd waarbij geen verplichting is tot de bouw van sociale koop- of huurwoningen. Een deel van het gebied dient te worden ingericht voor andere voorzieningen. Daarbij kan worden gedacht aan een supermarkt, restaurants, hotel, huisarts en Brede School alsook een paviljoen. Bij de invulling van het terrein is gekeken naar de structurerende elementen zoals de watergangen, de sluis , de trekvaart en de productiepaden. Een deel van de bomen die op het terrein waren opgeschoten, stonden er vroeger niet. Het zogenaamde ‘groene bos’ was gewoon industrieterrein bijvoorbeeld. Bij het behoud van het groen is specifiek gekeken naar hoe dit vroeger was vormgegeven. In sommige gevallen zal het bosbeheer straks samen met de eigenaar worden vormgegeven (onderdeel van de koop: woning met/op bosperceel). De woningen worden waar mogelijk zoveel mogelijk energieneutraal opgeleverd.

Door de vuurwerkramp in Enschede werd het moeizame bestemmingsplan-proces versneld en de sluiting en ontmanteling van de fabriek in gang gezet. In 2013 kwam er een ambitiedocument waar de bouwvlakken werden ingevuld en werd de kwalitatieve waarde bepaald. Hierbij zijn allerlei aspecten ingebracht door de omwonenden en belanghebbenden. Daarbij is ook gekeken naar de cultureel-erfgoedcomponent. Naar aanleiding hiervan werd het open gebied rondom de Westbatterij vergroot en groen gehouden.

Tijdens de terugweg gaf Ana van der Mark een korte toelichting op het cultuurhistorisch onderzoek naar de geschiedenis van het Kruitpad. Dit onderzoek, dat plaatsvond in 2009, stond aan het begin van een boeiend proces waarin cultuurhistorie een belangrijke inspiratiebron zou zijn voor de aanleg van een nieuwe wijk.

In totaal zijn er 86 verschillende bouwprojecten op het terrein; dat vereist behoorlijke coördinatie omdat er maar weinig toegangswegen tot het terrein zijn en het gevaar dreigt van ontoegankelijkheid en verstopte wegen voor de huidige bewoners. 86% van de kopers komt uit Amsterdam en het element van de oorspronkelijke Amsterdamse kruitmolen en de geschiedenis van het terrein maken een merkbaar positief gevoel los bij de kopers. Marcus Wieringa stelt dat deze manier van invullen en ontwerpen, waarbij cultuurhistorie een belangrijke rol speelt, een grote meerwaarde heeft ten opzichte van commerciële stadsontwikkeling. Zowel de cultuurhistorische elementen als de grondontwikkeling dragen positief bij, ook vanuit kostenoogpunt. Je moet wat meer puzzelen maar het levert meerwaarde op, ook commercieel. Daarbij is het niet alleen van belang om het verleden te benutten maar ook meteen te denken aan de inrichting en de exploitatie van de bestaande panden. In de historische panden van de Krijgsman worden straks winkels en horeca ondergebracht. Nu nog zit hier het informatiecentrum van de Krijgsman waar een prachtige maquette van het gebied te bezichtigen is. Een bezoek zeker waard!

Tot slot

In verband met de tijd was het niet meer mogelijk in te gaan op het archeologische onderzoek en behoud in situ van de boomstamboot uit de ijzertijd. Hieronder staat echter een toelichting op de ontdekking en het behoud van dit belangrijke ondergrondse erfgoed op het terrein van de Krijgsman.

Het was eigenlijk meer een bijzin in het archeologisch bureauonderzoek over het Brediusgebied: “Het gebied was in de ijzertijd niet geschikt om te bewonen; losse vondsten van incidentele bezoeken kunnen echter niet uitgesloten worden.” Het was daarom een bijzonder leuke verrassing dat er bij het proefsleuvenonderzoek toch een boomstamboot werd aangetroffen. Het was een eikenhouten bootje van zo’n 6.5 meter lang en 80 cm breed. Dit soort boten worden nog steeds in grote delen van de wereld dagelijks gebruikt en moeten ook in de Nederlandse ijzertijd heel algemeen zijn geweest. Ze zijn natuurlijk uitermate geschikt om je in te verplaatsen in een wereld die weinig wegen heeft en juist veel rivieren, plassen en kreken, en waar mensen ook hun woonplaatsen vaak langs het water hadden. We vinden weinig boomstamboten terug. Als ze versleten zijn eindigen ze waarschijnlijk meestal in het vuur en houten voorwerpen blijven sowieso alleen onder bijzondere omstandigheden bewaard. Hier in het Brediusgebied is de boot achtergebleven buiten een actieve geul, in een nogal nat komgebied, dat steeds meer verlandde.

Hoewel het leuk is om na te denken over hoe die boot hier is beland en wat dat zegt over waar mensen woonden hier in de omgeving, was de vondst ook een beetje een probleem. Wie is verantwoordelijk: de gemeente, de ontwikkelaar of de eigenaar van de grond? Wat moesten we ermee? In de grond laten of opgraven? Alle voors en tegens afgewogen is uiteindelijk besloten om de boot in de bodem te bewaren. Dit past ook goed bij het landelijk beleid voor archeologische waarden. Het idee daarvan is dat je archeologische zaken in de bodem laat, zodat ook in de toekomst, met andere methodes en vraagstellingen nog archeologisch onderzoek kan worden gedaan. Om de boot zo goed mogelijk te beschermen is hij afgedekt met grond en een ondoorlatende folie, waar een snede in is gemaakt om regenwater toe te laten. Er kan daardoor nauwelijks grondwater verdampen. Onder het folie blijft het waterpeil hoog waardoor er geen zuurstof en schimmels op het hout in kunnen werken en de boot bewaard blijft. Er zijn peilbuizen geplaatst om de grondwaterstand te kunnen controleren, wat heel belangrijk is nu er zoveel droge periodes zijn. De locatie van de boot is nu zichtbaar door een lichte verhoging in een deel van het Brediusgebied dat als groengebied wordt ingericht. Er is een informatiebord bij gezet zodat ook de toekomstige gebruikers van dit gebied zich kunnen verwonderen over dit inkijkje in het verleden.

(Beeldverantwoording: Foto’s door André Russcher)