Steunpunt-template-banner-Erfgoedteam-Diversiteit-Worstvat.png

Verslag Erfgoedteam: inclusiviteit en diversiteit in gemeentelijk erfgoedbeleid

In dit erfgoedteam over diversiteit en inclusiviteit in gemeentelijk beleid gingen wij in gesprek met Noord-Hollandse erfgoedambtenaren over het belang van een bredere, inclusieve blik op erfgoed en over bewustzijn over het eigen perspectief naar aanleiding van presentaties van socioloog Frans Soeterbroek en historicus Dineke Stam.

Erfgoed is van iedereen, maar representeert ons erfgoed voldoende onze meerstemmige, diverse samenleving? Wordt er voldoende verbinding tussen materieel en immaterieel erfgoed gelegd, en is het erfgoed(beleid) niet te erg gestoeld op materialiteit en historische machtsverhoudingen? Houden gemeenten bij het opstellen van hun erfgoedbeleid voldoende rekening met verschillende perspectieven op de geschiedenis?

Dat het erfgoedveld niet divers en inclusief genoeg is en dat dit moet veranderen, was alle deelnemers duidelijk. Hoe gemeenten, provincies en rijk hier handen en voeten aan moeten geven, was de meeste deelnemers echter minder duidelijk. Zij hadden behoefte aan meer concrete voorbeelden van succesvolle aanpakken en projecten om duidelijker te maken hoe het erfgoedveld inclusiever kan worden.

Frans Soeterbroek: De maatschappelijke verankering van erfgoed

Erfgoed als kans

Op basis van onderzoek voor zijn essay ‘erfgoed als middel’ behandelde Frans Soeterbroek vijf thema’s die volgens hem de maatschappelijke verankering van erfgoed een impuls kunnen geven: gezondheid, de dagelijkse leefwereld, burgerinitiatieven, kwetsbare groepen en maatschappelijke veerkracht.

Volgens Frans Soeterbroek is erfgoed “een zachte ingang om gevoelige thema’s te bespreken, de gelaagdheid van de verhalen aan te boren, en de ‘sense of belonging te versterken”.

Hij stelt bovendien dat erfgoed een fundamentele verbindende rol speelt in de gepolariseerde maatschappij: de waardering van onze democratie en rechtsstaat is een gedeeld goed die gepercipieerde politieke, regionale, seksuele, financiële en culturele verschillen overstijgt.

Radicale interpretatie Verdrag van Faro

Soeterbroek’s constateringen over de maatschappelijke rol van erfgoed leidde hem ertoe het Verdrag van Faro op radicale wijze te interpreteren.

Frans Soeterbroek: “Dit verdrag moedigt ons aan te erkennen dat objecten en plaatsen op zichzelf niet belangrijk zijn voor cultureel erfgoed. Ze zijn belangrijk vanwege de betekenissen en gebruiken die mensen eraan hechten en de waarden die ze vertegenwoordigen.”

Kortom: het stelt de mens en de menselijke waarden centraal, aldus de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Op basis van zijn radicale interpretatie van Faro en visie op de kansen voor de maatschappelijke verankering van erfgoed, draagt Soeterbroek onderstaande, concrete aanbevelingen aan:

  1. Op buurtniveau en gebiedsgericht te werken, bijvoorbeeld door te stimuleren dat musea de huiskamers van de buurt worden inclusief programma’s voor de buurt.
  2. Partner te zijn bij het ontwikkelen van modellen voor positieve gezondheid en meervoudige waardecreatie.
  3. Bondgenoot te worden van de activistische burger.
  4. Een actievere rol te spelen in het debat over verdeelde en gedeelde identiteit.

“Een belangrijke voorwaarde hierbij is wel”, aldus Soeterbroek, “dat kortdurende projecten die na enkele jaren ophouden omdat het geld op is, vervangen worden door langdurige, duurzame verbindingen met lokale gemeenschappen.”

Presentatie Frans Soeterbroek
Dineke Stam: De dekolonisatie van erfgoed, Mapping Slavery

Visie op diversiteit en inclusiviteit

Aansluitend gaf historicus Dineke Stam de deelnemers haar visie op diversiteit en inclusiviteit in de erfgoedwereld naar aanleiding van het concrete  – en succesvolle –  initiatief ‘Mapping Slavery’, waar zij direct bij betrokken is:

  1. Koppel materieel aan immaterieel erfgoed. Welke betekenis heeft het erfgoed voor mensen en welke erfgoedgemeenschappen dragen het? Stam schreef in 2006 een brochure over immaterieel erfgoed in Nederland in opdracht van de nationale UNESCO commissie Nederland. Inmiddels wordt er meer belang gehecht aan immaterieel erfgoed en zijn er meerdere handige publicaties die gemeenten en provincies kunnen raadplegen bij het ontwikkelen van inclusief erfgoedbeleid en een inclusieve erfgoedpraktijk, zoals de ‘wheel chart for sustainability and intangible cultural heritage’.
  2. Werk altijd vanuit de erfgoedinstelling samen met de mensen die het erfgoed dragen. Maak gemengde teams van mensen met uiteenlopende achtergronden en identificaties. Bij Mapping slavery werd er bijvoorbeeld structureel samengewerkt met mensen die nazaat zijn van tot slaaf gemaakte.
  3. Wees bewust van het verschil in macht en positie als bijvoorbeeld erfgoedprofessional, nazaat van slavenhouders (welvaart, geld, gebouwen) of nazaat van tot slaaf gemaakten (trauma, onrecht, minder welvaart). Het verschil in welvaart als resultaat van slavernij leeft tot de dag van vandaag voort. Doorbreek de schaamte bij nazaten van zowel slavenhouders als tot slaaf gemaakten door met elkaar in gesprek te gaan.
  4. Inclusie en diversiteit gaat ook over (fysieke) toegang tot de erfgoedwereld voor mensen die op andere manier uitgesloten zijn van geschiedenis, zoals mensen die zich voortbewegen met een rolstoel, lezen met braille of gebarentaal of weinig geletterd zijn.

Omdraaien van het perspectief

Stam stelde vervolgens dat erfgoed een dynamische constructie is die tot stand komt binnen maatschappelijke machtsverhoudingen. Met ‘mapping slavery’ en ‘sporen van slavernij’ is het gangbare erfgoeddiscours omgedraaid en is de rol van koloniale slavernij bij erfgoed uit deze periode zichtbaar gemaakt.

Dineke Stam: “Het gangbare discours was lange tijd positief over koloniale geschiedenis (‘Wij hebben daar iets goeds gebracht’) of er was geen aandacht voor. Pas sinds kort is er oog voor het geweld, de uitbuiting en het racisme dat er onderdeel van was (‘wij hebben daar iets gruwelijks gebracht).”

“De erfgoedsector moet dus de manier van kijken omdraaien en zich bewust worden van de eigen macht en het eigen perspectief.”

De RCE heeft hier ook een handreiking voor gemaakt, mede op grond van een aanzet door Stam met haar collega Ineke Mok.

Verborgen in het volle zicht

‘Mapping slavery’ zet de zichtbare maar verborgen erfenissen van slavernij letterlijk op de kaart door middel van kaarten, publicaties, communicatie en stadswandelingen. Het beschouwt cultureel erfgoed en de gevolgen daarvan opnieuw. Onderdeel van het project zijn de ‘Gids Slavernijverleden Amsterdam’ (2014) en de ‘Gids Slavernijverleden Nederland’ (2019), waarvan Stam medeauteur is. Het boek over het slavernijverleden van Nederland bespreekt honderd relevante plekken en bevat ook  een kaart van buitenplaatsen met koloniale en slavenbanden en een kaart met de woonplaatsen van slaveneigenaren die driehonderd gulden compensatie per vrijgemaakte persoon ontvingen toen de slavernij in 1863 werd afgeschaft. Ter illustratie van de immense (en nog steeds doorwerkende) verschillen in macht en welvaart – vrijgemaakte slaven ontvingen géén enkele compensatie en moesten zelfs minimaal tien jaar lang op een plantage blijven. Slavernij is in onze provincie inmiddels in Amsterdam, Haarlem, Enkhuizen en Hoorn in kaart gebracht.

Aanbevelingen

Stam sluit af met aanbevelingen aan de aanwezigen. Centraal staat het maken van duurzame verbindingen met erfgoedgemeenschappen, door middel van:

  1. Het maken van gemengde teams met erfgoedprofessionals, onderzoekers, docenten, nazaten. Laat het publiek het proces en product verder brengen.
  2. Het opzoeken van de samenwerking met Keti Koti comités, organisaties van Surinamers, Antillianen, Indische Nederlanders en andere minderheidsgroeperingen op alle niveaus.
  3. Een multidisciplinaire aanpak: wetenschap, kunst, dans, letteren, onderwijs.
  4. Het maken van projecten die kunnen reizen en waar scholen aan deel kunnen nemen over langere tijd, bijvoorbeeld als onderdeel van de Karavaan. Denk aan een tentoonstelling, dansvoorstelling, film, verhalenvertellers of een brochure.
  5. Het zorgdragen van betaling aan alle medewerkers, inclusief alle vrijwilligers. Zó vaak moeten nazaten alles voor niets doen en dat is extra pijnlijk gezien de geschiedenis.
Presentatie Dineke Stam
Discussie
  1. De verbindende kracht van de democratie als erfgoed werd geproblematiseerd. De geschiedenis van de democratie en de rechtsstaat is ook een geschiedenis van uitsluiting en uitbuiting: denk aan o.a. de rechten van vrouwen, armen en slaven. Soeterbroek is zich bewust hiervan en wil dit niet bagatelliseren, maar merkt op dat hij de waardering voor de democratie en rechtsstaat als gedeeld erfgoed mooi vindt in tijden gekenmerkt door toenemende verschillen.
  2. Right to Challenge: Bewoners die geen genoegen meer nemen met de rol als vrijwilliger kunnen een voorstel indienen bij de gemeente om een gemeentelijke taak, zoals het groenbeheer van een wijk of het erfgoedbeheer van een monument, over te nemen. De argumentatie hierbij is dat de bewonersgroep het beter en/of goedkoper kan. Bovendien zijn er voorbeelden waarbij projectontwikkelaars de right to challenge inzetten om een grote projectontwikkeling te doen. Soeterbroek stelt dat dit recht alleen maar voor burgers zou moeten zijn om het speelveld gelijker te trekken met de grote ontwikkelaren. Als burgers zelfbewuster worden ontstaat er een betere balans tussen burgers, overheid en markt.
  3. Hoe bewaar je het gebouwen die een verhaal vertellen over minderheden, zoals de Spaghettiflat in Zaandam? Stam stelt dat de vraag wellicht anders geformuleerd moet worden omdat dergelijke formuleringen kunnen bijdragen aan stereotypering.
  4. Hoe vertaal je diversiteit nou naar het gemeentelijke werkveld? Stam adviseert om op betekenis in te zetten. Koppel een fort bijvoorbeeld aan immateriële betekenissen op basis van de behoeftes van een groep. De wheel chart of sustainability and intangible cultural heritage geeft antwoorden op hoe je erfgoed kan inzetten voor de maatschappij.
Het Steunpunt zet inclusiviteit op de agenda

De vragen van de deelnemers gingen veelal over hoe zij concreet een bijdrage kunnen leveren aan een inclusiever erfgoedveld: Hoe ga je om met diverse rollen en stakeholders? Hoe betrek je iedereen? Hoe maak je machtsverhoudingen gelijkwaardiger? Het Steunpunt Monumenten & Archeologie gaat dit thema de komende jaren actiever agenderen door o.a. op zoek te gaan naar inspirerende, concrete voorbeelden en in gesprek te gaan met mensen die actief zijn op dit vlak.

De eerste stap naar een inclusiever erfgoedveld zet je in ieder geval zelf door je eigen aannames, positie, (on)macht, privileges en/of achterstanden over de betekenissen van erfgoed te beschouwen opnieuw te beschouwen en jezelf de vraag te stellen:  welke betekenis heeft dit erfgoed voor de mensen die daar wonen, werken of (nog niet) komen? Food for thought!

Beeldverantwoording: Verwulft 11 in Haarlem, ’t Gekroond oost west Indies Worstvat. Foto van Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, collectie Heemschut.

Op de website Mapping Slavery vertelt Sjoerd Jaarsma, over dit gebouw: “In 1637 kocht een spekverkoper dit pand. Honderd jaar later stond de naam Worstvat op de gevel. Duidelijk is te zien hoe worst in vaten werd verpakt. Worst, zoutvlees of zoute vis diende als voedsel op de schepen naar Oost- en West-Indië. Gezouten vis (bakkeljauw) en soms gezouten vlees werden ook één keer per jaar aan slaven op de plantages uitgedeeld. Loon kregen ze niet. In 1791 vestigde zich hier drukkerij Bohn, uitgever van het werk van Beets.”