Herbestemming: De Hoeksteen – Uithoorn

Projectgegevens

Naam De Hoeksteen
Adres Alfons Ariënslaan 1, Uithoorn
Bouwjaar 1964
Voormalige functie kerk en cultureel centrum; vanaf 1985 bibliotheek
Nieuwe functie cultureel centrum, kantoren, film/theater, brouwerij, horeca
Oplevering 2021-2022
Status gemeentelijk monument
Architect(en) Gerrit Rietveld; herontwerp Jeroen ter Maat (Strategie architecten)

De Hoeksteen van de buurt

De kerk van Rietveld was altijd al de ‘hoeksteen van de buurt’. Letterlijk, als kubusvormig gebouw op de hoek van het water. Maar vooral figuurlijk, als een wereld in het klein: een kerk, theater, crèche en later bibliotheek. En straks met een filmzaal en brouwerij waar je zo kan binnenlopen. ‘Iedereen heeft wel iets met de Hoeksteen.’

Toen

Kerkelijk centrum De Hoeksteen in Uithoorn was één van de laatste creaties van architect Gerrit Rietveld. Het bijzondere kubusvormige gebouw aan het water wordt gekenmerkt door Rietvelds karakteristieke eenvoud. Het modernistische ontwerp was aanleiding voor Dagblad Trouw de vergelijking te maken met de Notre Dame du Haut, het beroemde kerkje van Le Corbusier in Ronchamp. Rietveld zelf zou de opening van de Hoeksteen niet meer meemaken, hij overleed tijdens de bouw in 1964.

De kerk was bedoeld voor de inwoners van de nieuwe wijk Zijdelwaard in Uithoorn. Maar de groei van Uithoorn viel tegen, de exploitatiekosten bleken te hoog. In 1985 werd de kerk gesloten en diende het ruim twintig jaar als bibliotheek. In 2016 ging het gebouw een derde leven tegemoet: de ‘Rietveld-beleving’ komt weer helemaal terug, en het gebouw behoudt haar (deels) openbare functie.

Lees verder op de website van Oneindig Noord-Holland.

Herbestemming

‘Het mooie van het gebouw is dat het altijd al een gemeenschapscentrum was, vertellen Ellen van den Kinkenberg (ambtelijk secretaris van de monumentencommissie) en Frank Gerritsen (gemeentelijk projectleider). ‘Rietveld, later in zijn leven atheïst geworden, ontwierp niet alleen een kerk, maar een gebouw voor iedereen, dat alle mogelijke functies kon herbergen’.

Door deze vooruitziende blik leent het gebouw zich goed voor herbestemming, in de vorm van een nieuw, eigentijds trefpunt. Dankzij een subsidie van de provincie kon een haalbaarheidsonderzoek worden gedaan, een cultuurhistorische analyse van het gebouw, en werden toekomstige functies geïnventariseerd. Daaruit kwamen een aantal heldere uitgangspunten voort voor herbestemming. De openbare toegankelijkheid was cruciaal, de nieuwe functie moest de Rietveld-beleving versterken, maar het gebouw moest ook worden verduurzaamd, in overeenstemming met nieuwe klimatologische eisen.

Dat is ook wat Saskia Kemperman (erfgoed-ontwikkelaar Het Verschil bv) voor ogen had toen zij zich inschreef voor de tender. Het Verschil bv kwam uiteindelijk met het beste plan, omdat het de eisen ten aanzien van restauratie verenigde met een financieel haalbaar programma door het combineren van woningen met openbare functies: restaurant, kunstuitleen en theater/filmzaal. Dus een verdienmodel op de bovenste laag, een maatschappelijke laag eronder. Later, toen de aannemer zich terugtrok, is BOEi ingestapt, een partij die ervaring heeft met dit soort projecten. BOEi treedt op als co-ontwikkelaar en eind-eigenaar.

Inmiddels is het programma gewijzigd: de woningen bleken niet haalbaar door de stijgende prijzen in de bouw. In plaats daarvan krijgt het gebouw een overwegend cultureel programma, gecombineerd met horeca, brouwerij en kantoren.

Succesfactoren

‘Het kan lastig zijn mensen te overtuigen van het maatschappelijke belang van het behoud van zo’n gebouw voor de lange termijn, en niet te kiezen voor financiële winst op de korte termijn’, zegt Van den Klinkenberg. ‘In dit geval hadden we een enthousiaste wethouder, en ook de burgemeester en de raad waren voor behoud.’ Zelf waren Van den Klinkenberg en Gerritsen ook enthousiast. Ze stelden een expertgroep samen, organiseerden gesprekken en bijeenkomsten, onderzochten subsidiemogelijkheden (wat lukte: het project kreeg subsidies van Stichting Leefomgeving Schiphol en de BankGiro Loterij). ‘Het is steeds bijstellen en zoeken naar nieuwe mogelijkheden. Vele varianten verder kwamen we ook in contact met de Naeckte Brouwers. Zij lieten al in Amstelveense Annakerk zien dat ze aan zo’n gebouw een heel goede invulling kunnen geven.’

Pragmatisch handelen, steeds op zoek naar mogelijkheden, dat is ook wat ontwikkelaar Kemperman noemt als succesfactor in een soms moeilijk, maar geslaagd proces. ‘De gemeente heeft hierin een cruciale rol gespeeld’, beaamt ze.

Struikelblokken

‘Het moeilijkste moment was toen we merkten dat we de juridische afspraken niet voor elkaar kregen’, vertelt Gerritsen. ‘Toen zaten we echt vast. Een goed doortimmerd plan kon niet worden gegeven door enkele onzekerheden, maar was wel nodig om de raad te overtuigen.’ BOEi vroeg om vertrouwen, maar wij hadden een expliciete garantie nodig over de restauratie, inclusief sommen en termijnen. ‘Dan moet je uitzoomen, en je in elkaar verplaatsen, en realiseren dat je allebei hetzelfde wil. Dat vereiste meebewegen van beide partijen.’ De oplossing was een compromis, een behoorlijk concreet plan op basis waarvan de raad akkoord kon gaan.

Dat zegt ook Kemperman, zelf goed thuis in erfgoedvraagstukken. ‘Uiteindelijk wordt het toch ingewikkelder dan je vooraf denkt. Onvoorziene omstandigheden, zoals ontwikkelingen op de woningmarkt, maakten dat we het programma een aantal keer moesten bijstellen. Dat lukt alleen als je een goed team hebt en medewerking krijgt. Iederéén moet zich flexibel opstellen.

Tips

Kemperman heeft een tip voor ontwikkelaars: Een gebouw als dit is altijd maatwerk. Zorg dat je als ontwikkelaar een goede relatie hebt met de partijen van wie je afhankelijk bent. Tegen gemeenten zeggen Gerritsen en Van den Klinkenberg: Iemand moet het aandurven, in dit geval waren dat Het Verschil en BOEi. Maar alle partijen moeten geven en nemen, én je moet het politieke tij mee hebben. Maar het helpt veel als je als gemeente zelf het voortouw neemt.

(Tekst: Sophie van Ginneken | Beeld: Ossip van Duivenbode)