Jaap Verschoor

Erfgoed en participatie, echt mensenwerk. Een interview met Jaap Verschoor

Participatie is een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet. Met hun grote lokale kennis en netwerken zullen erfgoedverenigingen naar verwachting dan ook meer betrokken worden bij ruimtelijke plannen. We vroegen Jaap Verschoor hoe hij tegen die verantwoordelijkheid van erfgoedverenigingen aankijkt. Jaap Verschoor is voorzitter van het Regionaal overleg Historische verenigingen Zuid-Kennemerland en Haarlemmermeer en was 12 jaar voorzitter van de Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek. 

De nadruk op maatschappelijke betrokkenheid onder de Omgevingswet biedt kansen voor de erfgoedverenigingen. Hoe kunnen zij zich voorbereiden op deze taak?

‘Participatie biedt kansen’, zegt Jaap Verschoor, ‘maar geeft ook een behoorlijke verplichting. Je moet als erfgoedvereniging beslagen ten ijs komen om je punt te kunnen maken. Het gaat erom mee te denken over de kwaliteit van de woonomgeving en niet alleen in actie te komen als een monument gevaar loopt. Om dat goed te kunnen doen, hebben de verenigingen expertise nodig. Er is veel expertise aanwezig, maar niet alle. Erfgoedverenigingen zouden een beroep kunnen doen op andere organisaties zoals Heemschut. Daarnaast hoef je als vereniging niet alles wat met de Omgevingswet te maken heeft te bestuderen, maar vraag jezelf vooral af: wat is onze rol in onze gemeente? Hoe je dat onder de Omgevingswet in de praktijk brengt is een tweede. Veel overheden beseffen overigens onvoldoende dat ze geld, tijd en energie vrij moeten maken voor participatie. Participatie vraagt om mondige burgers, maar ook om een daadkrachtige overheid. Het is belangrijk dat overheden ervoor zorgen dat alle belanghebbenden in de verschillende stadia van een planproces gehoord worden.’

Participatie is ruim opgevat in de Omgevingswet en wordt genoemd op verschillende schaalniveaus, van de abstracte omgevingsvisie tot concrete bouwplannen.

Verschoor ziet voor de erfgoedverenigingen op verschillende schaalniveaus een rol weggelegd. ‘Bij het opstellen van een omgevingsvisie kunnen de verenigingen veel inbrengen. De verenigingen kennen het DNA van hun woonplek en kunnen goed meepraten bij het bepalen van de identiteit van een gebied.’ Hij benadrukt dat verenigingen in die zin ook regionaal veel kunnen betekenen. Cultuurhistorisch zijn gemeentegrenzen immers niet altijd bepalend. ‘Er zijn al verschillende voorbeelden van gemeenten die samenwerken aan een regionale visie. Hier in Kennemerland hebben we met negen verenigingen het historisch DNA van Kennemerland op papier gezet, dat is gelukt.’

Op de lagere niveaus moet de inbreng volgens hem blijven zoals dat altijd al gebeurde; meedenken bij de totstandkoming van het omgevingsplan en bij projecten in een gemeente: ‘Zowel bij nieuwbouw als bij monumenten is de rol van erfgoedverenigingen relevant. Laat ik een voorbeeld uit mijn eigen omgeving nemen: de onlangs gerealiseerde nieuwbouwwijk Slottuin in Heemstede. De nieuwbouw staat vanuit Hoofddorp bij de entree van Heemstede en vlak bij het oude slot, een rijksmonument. Jaap Verschoor licht toe dat het hier niet zozeer ging om bedreiging van het monument zelf, maar om de impact van nieuwbouw op de historische omgeving en op het karakter van Heemstede. Aanvankelijk zou hier onder meer een fors appartementenblok worden gerealiseerd dat niet paste bij het historisch DNA van Heemstede, met van oorsprong veel kleinschaliger bebouwing. ‘Wij zijn toen op de ontwikkelaar afgestapt, inmiddels alweer een jaar of zeven geleden. Die vond dat wel wat vreemd, een historische vereniging die zich bemoeide met nieuwbouw, maar we werden toch goed ontvangen en serieus genomen. Je moet ook wel met een goed verhaal komen. We hebben het gelijktijdig bij de gemeente aangekaart en in de gemeenteraad is toen een motie aangenomen voor een groene entree van Heemstede. Overigens hebben ook buurtbewoners, verenigd in een comité, hier een belangrijke rol gespeeld. Inmiddels is het wijkje dus klaar. Het appartementenblok is nog steeds groot, maar de gesprekken hebben er wel in geresulteerd dat het visueel is opgedeeld in kleinere blokken. Het groen moet overigens nog worden aangelegd.’

Hoe kun je erfgoed op de agenda plaatsen, meewerken of bezwaar maken?

Historisch gezien zou je in Slottuin het liefst geen grootschalige nieuwbouw hebben gezien, maar als historische vereniging moet je ook durven meedenken. ‘De balans tussen meewerken en bezwaar maken moet goed bewaakt worden. Je moet je als historische vereniging met dit soort dingen blijven bemoeien, je bent de hoeder van de geschiedenis, van de cultuurhistorie en van de omgeving. Dat is ook wel eens moeilijk, want het ene moment werk je samen en daarna moet je tegenover dezelfde partij de hakken in het zand zetten. Het is positief dat er zo langzamerhand een cultuuromslag in de samenwerking plaatsvindt. Gemeentes waarderen de bijdrage van de cultuurhistorische verenigingen steeds meer. Deels door de toenemende werkdruk en het afnemen van de capaciteit binnen gemeenten en deels omdat historische verenigingen steeds meer professionaliseren.’

De omgeving van het monument is een nieuw onderdeel onder de Omgevingswet, hebben jullie hier al ervaring mee opgedaan?

‘Het is positief dat er ook aandacht komt voor de omgeving van het monument. Dit is een nieuwe manier van denken. Een voorbeeld: de gemeente Haarlemmermeer wil van de Ringvaart en Ringdijk een gemeentelijk monument maken. Een mooi streven, en daarom heeft het Regionaal overleg Historische verenigingen Zuid-Kennemerland en Haarlemmermeer de gemeenten rondom de Ringvaart op deze plannen gewezen en opgeroepen om bij bouwplannen – groot of klein – ook aan ‘hun kant’ met cultuurhistorisch respect om te gaan met de Ringvaart. Het is afwachten hoe er op dit initiatief gereageerd wordt.’

De Ringvaart, met monumenten aan beide zijden, eroverheen (de brug bij Vijfhuizen) en zelfs erin (restanten van de damsluis bij Vijfhuizen, onderdeel van de Stelling van Amsterdam)
Als je ook van de ruim 60 kilometer lange Ringvaart zelf een monument wilt maken, dan is een erfgoedtafel met alle betrokkenen geen verkeerd idee
De samenwerking tussen erfgoedverenigingen en gemeenten wordt op verschillende manieren vormgegeven. Er zijn voorbeelden van gemeenten die een convenant met de erfgoedverenigingen sluiten, bij andere gemeenten is de samenwerking informeler. Wat zijn jullie ervaringen?

‘De samenwerking hangt af van de gemeente. Bij ons in Heemstede, een kleine gemeente, is het handig om het informeel op te lossen, want we kunnen elkaar gemakkelijk bereiken. In een grote gemeente zoals Zaanstad of Alkmaar moet je het meer reguleren met bijvoorbeeld een erfgoedtafel of een convenant, waar diverse belanghebbenden en geïnteresseerden op het gebied van erfgoed bij betrokken zijn. De gemeente moet het voortouw nemen om vorm te geven aan participatie. In de gemeente Velsen bijvoorbeeld, zou je vanwege de diversiteit in erfgoed en vanwege de omvang van het gebied goed een erfgoedtafel kunnen samenstellen. Er is erfgoed uit verschillende tijden, verspreid over betrekkelijk ver van elkaar gelegen kernen. Variërend van de schitterende wederopbouwarchitectuur in IJmuiden tot de buitenplaatsen en het beschermd dorpsgezicht van Velsen Zuid.’

Het gemeentehuis van de gemeente Velsen in IJmuiden is ontworpen door W.M. Dudok en is een rijksmonument. In IJmuiden komen diverse erfgoedlagen en –lijnen samen: De buitenplaatsen langs de binnenduinrand (zij het onderbroken door het Noordzeekanaal), het Noordzeekanaal, als 19e-eeuws ‘wereldwonder’, en als onderdeel van de geschiedenis van Amsterdam, industrieel erfgoed, de Stelling van Amsterdam, de Atlantikwall en wederopbouwarchitectuur
Onder de Omgevingswet wijzigen de adviescommissies rondom ruimtelijke kwaliteit, de huidige welstandscommissies.

Jaap Verschoor: ‘Historische verenigingen moeten het geluid laten horen dat adviescommissies belangrijk zijn. We moeten ervoor oppassen dat de adviescommissies niet een heel dunne taak krijgen die beperkt is tot rijksmonumenten. De commissies zouden een bredere samenstelling moeten krijgen, nu zijn het vooral architecten. Stuur aan op brede adviescommissies met landschapsarchitecten, stedenbouwers, architecten, cultuurhistorici en planologen. Onder de Omgevingswet wordt er immers integraler naar de omgevingskwaliteit gekeken. Ik denk dat historische verenigingen in de adviescommissies een rol kunnen spelen, vooral om daar het belang van erfgoed te vertegenwoordigen. De vergaderingen zijn openbaar, hier kun je bij zijn om je mening te delen en je visie te geven.’

De continuïteit van de erfgoedverenigingen wordt weleens als zorg benoemd. Het ledental van de Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek is de afgelopen jaren gestegen en er is een grote groep actieve leden. Hebben jullie hier speciale aandacht voor gehad?

‘Zichtbaar, tastbaar, hoorbaar zijn de kernwoorden van ons beleid’, legt Jaap Verschoor uit. ‘Met een groep leden hebben we dit driesporenbeleid opgezet. Hoorbaar in de politiek, bij bouwontwikkelingen en bedreiging van monumenten. Zichtbaar door stukken in de plaatselijke krant te plaatsen, door een actieve website, door het organiseren van evenementen en lezingen en door aanwezigheid op lokale evenementen. Tastbaar door ons tijdschrift, waar we veel zorg aan besteden, en door de publicatie van boeken. Het tijdschrift heeft een upgrade gekregen en is verkrijgbaar in de boekwinkel. Tot slot hechten we veel waarde aan een goede samenwerking met de regionale bladen, zij zijn tenslotte ons platform. Het mes snijdt aan twee kanten, want de bladen zijn vaak blij met goed materiaal. Op deze manier laat de Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek van zich horen en weet men, ook de politiek, ons te vinden. Kortom: laat je als erfgoedvereniging zien en horen – Omgevingswet of niet.’

(Tekst: Kim Zweerink en Marrit van Zandbergen, Beeldverantwoording: Jaap Verschoor, Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland)