Archeoroute Schokland

Projectgegevens

Naam Archeoroute Schokland
Adres Keileemweg 1, Schokland
Status UNESCO werelderfgoed; archeologisch monument
Gerealiseerd 2011
Projectleider Monique van Rooyen
Beheer Stichting Flevo-Landschap
Opdrachtgevers DST Experience Agency en Stichting Flevo-Landschap

Eiland in het weiland

Het voormalige eiland Schokland geeft een unieke inkijk in het verleden. De omstandigheden van het eiland bieden een uitstekende conservering van het archeologische bodemarchief waardoor sporen uit het verleden vrijwel volledig intact worden aangetroffen door archeologen. Deze schat aan archeologische waarden was dan ook de reden om Schokland in 1995 als eerste Nederlands Werelderfgoed aan te wijzen door UNESCO.

Om het verhaal van Schokland te vertellen aan basisschoolscholieren is de ‘Archeoroute’ in het leven geroepen door Stichting Flevo-Landschap en DST Experience Agency. Aan de hand van zes tijdvakken worden kinderen meegenomen in een tocht door de tijd. Ter aanvulling is een lesprogramma opgesteld waarmee kinderen het vroegere landschap verder kunnen verkennen, zowel in de klas als op het eiland zelf.

Toen

Al in de vroege Prehistorie (12.000 jaar geleden) werd het eiland bewoond door groepen jagers en verzamelaars. Echter, Schokland was niet altijd een eiland. Tot circa 1450 lag Schokland in een moerassig veengebied waar boeren zich vestigden voor landbouw. Het was pas na 1450 dat het landschap omgevormd werd tot eiland in de Zuiderzee door het opkomende water. Vanaf de 17de eeuw trok het water zelfs zo ver op dat landbouw een ondergeschikte rol kreeg en plaats moest maken voor handel, scheepvaart en visserij.

In 1859 verloor Schokland de strijd tegen het water volledig en moesten de bewoners noodgedwongen het eiland verlaten. In 1942 werd door inpoldering van de Noordoostpolder het eiland drooggelegd en werd Schokland omgevormd tot een eiland in een weiland.

Projectproces

Onder leiding van Monique van Rooyen is de ’Archeoroute’ opgezet om het rijke verleden van Schokland te vertellen. Monique en haar team wilden echter niet zomaar een verhaal vertellen: “We vonden het heel erg belangrijk om de bewijslast van al die verhalen […] boven de grond te trekken. […] Om al die verhalen die onder de grond lagen […] zichtbaar en tastbaar te maken.” Het team ging daarom in gesprek met verschillende archeologen om deze verhalen te reconstrueren. “Bij hen hebben we verhalen opgehaald en foto’s gemaakt van de vondsten die zijn opgegraven.”

Om een verhaal neer te zetten, is het volgens Monique belangrijk dat je emotie gebruikt zodat men zich kan identificeren. “Je kunt een opsomming maken, maar dat trekt mensen niet aan. Rationele informatie beklijft niet.” Bovendien meent Monique dat je moet kijken naar wat de gebruiker wil. ”Ga nu eens kijken naar de vragen die mensen stellen […]. Die vragen zijn altijd belangrijk om je verhalen aan op te hangen.” Want zegt Monique: “Uiteindelijk is het namelijk de ontvanger die het effect van jouw communicatie bepaalt.” Daarbij is het belangrijk om een duidelijke afweging te maken in wat je vertelt. “Je kunt beter veel mensen heel weinig vertellen, dan weinig mensen heel veel […], maar het moet wel inhoudelijk kloppen.”

Daarnaast is het van belang dat je het project van tevoren goed test met de gidsen en de eindgebruikers. Zeker de gidsen moet je hierin betrekken. Want legt Monique uit: “[…] je kunt niet iets maken […] wat je heel erg top-down in de organisatie drukt. Iets waarvan gidsen denken: hier geloof ik niet in. Dan gaan ze het ook niet uitdragen.”

Succesfactoren

Een van de factoren die ervoor heeft gezorgd dat het project met succes is afgerond, was de betrokkenheid van de vele partijen. Om dit te bewerkstelligen heeft Monique op verschillende momenten met betrokkenen om de tafel gezeten om de voortgang van het project door te nemen. “Dan creëer je ook al heel veel draagvlak en vooral eigenaarschap voor het project […]. Je kunt beter vooraf vertragen om daarna snel te kunnen realiseren, dan het idee snel brengen en daarna met veel kinderziektes en ellende te maken te krijgen.”

“Probeer vooral in die strategische fase echt te onderzoeken met je partners […] zodat je een goed kader hebt […]. Dat kun je vervolgens gaan toetsen aan al die randvoorwaarden van de kaders.” Juist het tijdig betrekken van de partners zorgt voor een breed draagvlak, “Want daarmee worden mensen razend enthousiast en kunnen ze niet wachten totdat het project er staat.” Daarbij benadrukt Monique dat er ook knopen doorgehakt moeten worden om het project tot een succes af te ronden. Het is dan belangrijk dat de stakeholders weten wat de fases en deadlines zijn van het project.

Struikelblokken

Tijdens het uitvoeren van het project is het team van Monique nauwelijks valkuilen tegengekomen. ”We hebben het op tijd opgeleverd […]. Dat is natuurlijk ook wel de ervaring die je hebt als je dat een aantal jaren doet.” Door deze ervaring wist Monique alle betrokkenen op tijd te betrekken bij het project. Dat zorgt ervoor dat je niet voor verrassingen komt te staan gedurende de uitvoering van het project.

“Het enige jammere is dat het project niet meer gedragen wordt […].” De panelen die destijds geplaatst zijn, zijn nog wel te bezichtigen. “Maar de hele website die wij toen hebben gebouwd voor het onderwijs, die is weg […].” Ook het lesmateriaal wordt niet meer gefaciliteerd. Dat is ook niet zo gek volgens Monique. Na een aantal jaar gebeurd dat nu eenmaal: “En om dan weer een nieuwe website te maken, daar zitten natuurlijk ook wel wat kosten aan […]. En als de panelen blijven staan worden die misschien ook onderdeel van de oudheid.”

Tips

Wat betreft de tips die gegeven kunnen worden, vat Monique het als volgt samen: “[…] werk gefaseerd. Werk gelaagd. Ga in de schoenen van de ontvanger staan want die bepaalt uiteindelijk het effect van jouw communicatie […]. Gebruik emotie in plaats van rationele informatie.” En bovendien: “[…] vertel het verhaal op de plek waar het is gebeurd.”

(Tekst: Luuk Rietveld | Beeld André Russcher)